Elektromagnetische stralingen

Wat is elektromagnetische straling?

Elektrische stroom veroorzaakt magnetische en elektrische velden. Deze energievelden verspreiden zich door de lucht onder de vorm van elektromagnetische golven. Rond alle huishoudelijke elektrische apparaten zoals tv’s, computers, haardrogers,… hangt zo’n elektromagnetische straling.

Elektromagnetische golven krijgen een verschillende benaming volgens de golflengte en de frequentie. Zo zijn er ultraviolette stralingen, infraroodstralingen, lasers en radiofrequenties met daarbij microgolven.

De twee stralingen die mogelijk impact hebben op de mens zijn de gsm-stralen en de straling van hoogspanningslijnen.

Gsm-netwerken

Mogelijke effecten op de mens

Afhankelijk van hun kracht, kunnen microgolven binnendringen in biologisch weefsel. Hierbij wordt een deel van hun energie omgezet in warmte en afgegeven aan het weefsel. We onderscheiden twee belangrijke effecten:

1. Thermische gevolgen

Deze gevolgen worden veroorzaakt door de toename van de temperatuur door de opname van stralingsenergie. Klassieke microgolfovens werken volgens dit principe.

De temperatuursverhoging van het lichaamsweefsel uit zich in verschillende vormen:
  • Een voelbare temperatuursstijging in één welbepaald lichaamsdeel. Dit effect doet zich uitsluitend voor in de onmiddellijke omgeving van niet-beschermde stralingsbronnen.
  • Een algemene temperatuursstijging. Dit verschijnsel blijft beperkt door de snelle afvoer van de warmte via de bloedsomloop en de reactie van het lichaam. Dit effect doet zich uitsluitend voor in de onmiddellijke omgeving van niet-beschermde stralingsbronnen.
  • Door een lokale temperatuursstijging in het niet-doorbloede gedeelte van het oog kan staar ontstaan. Dit komt alleen voor bij een langdurige blootstelling. Alleen straling van op geringe afstand en uit een niet-beschermde bron zorgt voor gevaar.

2. Niet-thermische gevolgen

Niet-thermische gevolgen zijn alle andere gevolgen van de straling die niet verklaarbaar zijn door de toename van de temperatuur. Totnogtoe zijn geen niet-thermische effecten gemeten bij gsm-masten, zelfs niet in de onmiddellijke nabijheid ervan.

Hoogspanningslijnen

In de directe omgeving van hoogspanningslijnen ontstaat er altijd een elektrisch, een magnetisch of een gecombineerde elektromagnetische veld. Deze velden verplaatsen zich tegen lichtsnelheid onder de vorm van elektromagnetische golven. De frequentie (uitgedrukt in hertz of Hz) en de golflengte (in meter of m) bepalen het karakter van deze golven.

De elektromagnetische golven van hoogspanningslijnen hebben een erg lage frequentie. Het elektriciteitsnet werkt immers met wisselstroom met een frequentie van 50 Hz. Bij deze golflengte kunnen de elektrische en magnetische golven onafhankelijk van elkaar variëren. Ze moeten dus onafhankelijk worden gemeten en onderzocht.

Het enige mogelijke effect dat velden met een erg lage frequentie hebben op levend weefsel is dat er inductievelden ontstaan die in de kern van de stof elektrische stroom kan opwekken.

Uit onderzoek blijkt dat blootstelling aan elektrische velden tot 20kV/m slechts weinig invloed heeft en dus geen enkel gevaar vormt. De meeste mensen voelen vanaf 20 kV/m een lichte prikkeling die het gevolg is van een elektrische lading, geïnduceerd op de oppervlakte van het lichaam. Bij meer gevoelige mensen zakt deze drempel met 5 kV/m.

Wetenschappeliike studies over de effecten van hoogspanningslijnen leiden tot volgende vaststellingen:
  • de elektromagnetische velden rond hoogspanningskabels nemen af met de afstand. Specialisten beschouwen personen op een afstand van 50 tot 100 m zelfs als ‘niet-blootgesteld’ aan de straling.
  • ondergrondse hoogspanningslijnen vormen geen enkel risico. Het zand rond de lijnen verhindert de verspreiding van de elektromagnetische velden.

Voorgestelde preventiemaatregelen

Om potentiële risico’s door de elektromagnetische golven bij hoogspanningslijnen zoveel mogelijk te voorkomen, zijn volgende maatregelen mogelijk:
  • Vermijd indien mogelijk de inplanting van werkplaatsen op minder dan 100 meter van hoogspanningslijnen.
  • Gebruik de dichterbij gelegen ruimten zoveel mogelijk voor bijvoorbeeld opslag van goederen of andere toepassingen die slechts een tijdelijke betreding van de ruimte vragen.
  • Bij vaste werkplekken die gelegen zijn op minder dan 100 meter van de hoogspanningslijn moeten de werkgever de elektrische en magnetische velden laten meten. Overschrijden de resultaten de wettelijke grenswaarden, dan moeten de bedrijfsgebouwen of functies anders worden ingepland. Als laatste oplossing kan de werkgever kiezen voor de installatie van afschermingsmateriaal.
  • Bijkomende maatregelen: grote vaste metalen objecten in geleidend materiaal moeten met de grond verbonden worden indien ze zich in de omgeving van de hoogspanningslijn bevinden. Zoniet kunnen elektrische ladingen zich op bijvoorbeeld afrasteringen of metalen poorten opstapelen. Bij aanraking veroorzaakt dit onaangename of pijnlijke schokken. Vergelijkbare schokken treden op wanneer mensen een geparkeerd voertuig aanraken dat in de nabijheid van een hoogspanningslijn staat. Men vermijdt daarom de inplanting van grote metalen structuren of van parkeerplaatsen op minder dan 100 tot 150 meter van een hoogspanningslijn.

Wat kan AristA voor u doen?

  • Wij adviseren over de potentiële risico’s op basis van de technische beschrijving.
  • Wij vullen het advies aan met onderzoek ter plaatse.
  • Wij laten gespecialiseerde laboratoria onderzoek uitvoeren, lichten de resultaten toe en stellen aanpassingen of preventieve maatregelen voor.