Tabakspreventie

Elke werknemer heeft het absolute recht in een rookvrije ruimte te werken. Deze strenge regel vervangt het vroegere hoffelijkheidsprincipe dat rokers verzocht om niet-rokers zo weinig mogelijk te hinderen.

Sinds 1 januari 2006 geldt het rookverbod voor:
  • heel het gebouw waarin gewerkt wordt;
  • de sociale voorzieningen (refter, toiletten, EHBO-lokaal);
  • bedrijfsvoertuigen.
Uitzonderingen op het rookverbod vormen:
  • werken in openlucht;
  • privévertrekken van instellingen van maatschappelijke dienstverlening en van gevangenissen, waar de bewoners en niet-bewoners mogen roken onder de voorwaarden die voor hen zijn vastgelegd;
  • privéwoningen (vb. thuiszorg);
  • horeca.

Op de werkvloer kan de werkgever een goed verluchte rookkamer voorzien. Hij overlegt hierover met het comité voor preventie en bescherming op het werk. Is er geen comité, dan raadpleegt hij de vakbondsafvaardiging of de werknemers.

Rookverbod in de horeca

Sinds 1 januari 2007 is roken verboden in de meeste horeca-inrichtingen. Zij mogen wel een afgesloten rookkamer met afzuigsysteem inrichten.

Dit rookverbod geldt niet in drankgelegenheden, zelfs niet wanneer ze lichte maaltijden serveren of wanneer ze minder dan één derde van hun aankopen besteden aan maaltijden. Ook frietkramen met maximum 16 staan- of zitplaatsen ontsnappen aan het verbod. Op termijn is het de bedoeling dat de volledige horecasector rookvrij wordt.

In het kader van het algemeen welzijn van de werknemers, kan de werkgever sensibiliserings- en informatieacties organiseren. De preventieadviseurs psychosociale aspecten van zijn externe dienst voor preventie en bescherming op het werk kunnen hem meer informatie geven over rookstopprogramma’s.

Wetgeving

19 januari 2005 - Koninklijk besluit betreffende de bescherming van werknemers tegen tabaksrook (B.S. 02.03.2005)

13 december 2005 - Koninklijk besluit tot het verbieden van het roken in openbare plaatsen (gewijzigd bij het K.B. van 6 juli 2006)

4 juli 2006 - Ministerieel Besluit tot vaststelling van de voorwaarden waaraan de installatie van een rookafzuigsysteem of een verluchtingssysteem moet voldoen in openbare plaatsen (B.S. 19.09.2006)

Opgelet: wordt in een nieuw venster geopend. Afdrukken